DE WERELD NU

Alexandra’s Reis – 20 –

Alexandra's Reis 0

Aan het einde van de conversatie tussen Jeff, Merlijn en Rob -nog steeds op het terras van Luciano in Valletta- loopt de laatste boos weg. De kale Maltees die op Kojak lijkt, vertelt over de omgang met de kwestie Khadaffi door het nationale parlement van Malta.

Tariq Ramadan en een hamvraag

Nadat ze hun desserts hadden besteld, stak Merlijn van wal.
Zonder verdere inleiding.
‘Ik moet eerst een misverstand uit de weg ruimen: ik ben dus géén voorstander van dialoog, hè. Zeker wanneer het om de relatie tussen volgelingen van Jezus en die van Mohammed gaat, is “dialoog” een verraderlijk begrip. Verzoening zou al iets meer te pruimen zijn, maar nog steeds ongepast.’
Jeff keek onaangenaam verrast. Rob zei ook niets maar bromde afkeurend.
‘Verzoening past bijvoorbeeld wél bij de relatie tussen katholieken en protestanten. De protestanten klaagden eeuwen geleden de toen bestaande praktijken aan van de georganiseerde katholieke kerk, maar ze verwezen daarbij naar de oorspronkelijke leer. Rome heeft daar op allerlei manieren op gereageerd. En er vielen doden. Vooral aan protestantse zijde. Er is nogal wat narigheid uit het verleden waar ze zich overheen hebben moeten zetten in het kader van vergeving en verzoening. Maar in de twintigste eeuw is er in de hele wereld echt nog maar één serieus gewapend conflict geweest waarin katholicisme en protestantisme een rol van betekenis speelden. In de 21e eeuw is de praktijk van de katholieke kerk totaal anders dan die in de tijd van de reformatie en de inquisitie. In de kern zijn katholicisme en protestantisme gelijk.’
Rob begon met zijn vingers op de tafel te trommelen, maar hield er weer mee op toen hij zich er bewust van werd.
‘Er zijn veel oppervlakkige en vooral bange mensen die doen alsof de leer van Mohammed ook een kritische noot was of is, bij het christendom en jodendom. In werkelijkheid is die leer echter het volkomen tegenovergestelde. De Koran bevat gerichte aanvallen op de uitzonderlijke en centrale positie van Jezus binnen het christelijk geloof. Wanneer je het aandurft om de Koran te lezen zonder vooringenomenheid, dus zonder vooraf alvast te besluiten dat je eindoordeel niet te negatief mag zijn, dan kom je er zelfs een vers in tegen waarin Jezus belachelijk wordt gemaakt.’
‘Nu beweer je dus eigenlijk wéér dat ik bang ben!’ snauwde Rob.
De man met het Kojak-voorkomen, had al afgerekend maar bleef nog zitten. Gefascineerd door het tafereel. Hij probeerde uit de lichaamstaal van het drietal, de enkele woorden die hij dacht te herkennen en de klank en het volume van het gesprokene op te maken wat er gebeurde. Hij zag dat het gezicht van de gezette man inmiddels bijna uitdrukkingsloos en wat minder rood was geworden. De hartelijke reus lachte niet meer en zat nu op het puntje van zijn stoel.
De man die het meest aan het woord was, maakte een steeds arrogantere indruk. Die man zelf realiseerde zich intussen dat de correspondentie met Alexandra een aardige voorbereiding was geweest op dit gesprek.
‘Ja, bang ja. In de oude joodse leer was steniging de straf die hoorde bij overspeligheid. Met het beroemde “hij die zonder zonden is werpe de eerste steen” heeft Jezus in het nieuwe testament deze praktijk uitgebannen voor de christenen. In de joodse wereld was het in de tijd waarin Mohammed leefde ook allang uitgebannen. Dat kon omdat mensen fatsoen en redelijk nadenken inbrachten in de leer. Mohammed hérintroduceerde die praktijk van het stenigen. Ook lieden die bekend staan als gematigden binnen die “civilization” – Merlijn maakte met zijn vingers aanhalingstekens in de lucht bij het uitspreken van het woord “civilization”– wijzen dat leerstuk niet echt af. Ken je die Tariq Ramadan nog? Een tijdje ingehuurd door de gemeente Rotterdam en de Erasmus Universiteit. Die pleitte niet tegen steniging maar alleen voor een moratorium daarop. Zo van: “nu nog even niet”. Alleen wie zijn ogen wenst te sluiten voor de realiteit, kan met het idee komen voor een christelijk-islamitische dialoog. Dat veel mensen dat toch willen, maakt het niet minder idioot hoor.’
Rob slaakte een diepe zucht. ‘Het is toch weer allemaal geschiedenis waar je mee aankomt. En opzettelijk kwetsend. En je bent niet ingegaan op mijn belangrijkste punt: dat mensen hun moslim-zijn heel verschillend beleven’.
Merlijn liet hem zijn zin nauwelijks afmaken. ’Och ja. Een vreselijke omissie van me. Je hebt soefi’s in India en vele andere landen. En de Alevieten en Alawieten en de Ahmadiyya en de islamitische heiligenverering. En de Zeveners en de Twaalvers. En ook, dat is eigenlijk wel grappig, nog Negentieners trouwens. De voorman van díe stroming werd vermoord omdat hij te veel volgelingen kreeg. Dat dan weer wel. Ik ga maar niet in op hoeveel miljoenen boeddhisten en hindoes over de kling zijn gejaagd of afgevoerd als slaaf, bij dat winnen van het Indiase subcontinent voor de islam.’ Zijn stem was weer harder geworden. ‘Ik ben wel benieuwd wat jouw oordeel is over de aanvallen door moslimbroeders en andere fanatieke soennieten op diezelfde soefi’s. In de 21ste eeuw, hè. In Irak. In Egypte. En in tal van andere Noord-Afrikaanse landen. Daar moet je een andere keer nog maar eens over vertellen.
Al die stromingen hebben een specifieke histórische achtergrond, maar net naar het jou uitkomt wil je wel of niet de geschiedenis erbij halen, zo lijkt het wel.’
‘Je dendert maar door Merlijn. Je hebt je net nog verontschuldigd, toen je Rob bang had genoemd, maar nu doe je het toch weer?’.
Merlijn was even van zijn stuk gebracht nu Jeff zich tegen hem leek te keren, maar dat duurde niet lang. Hij keek Jeff indringend aan. ‘Ik denk dat je onderschat hoe veel ik me nog in zit te houden.’ Langzaam, nadrukkelijk en daardoor onheilspellend, draaide hij zijn gezicht weer naar Rob.
‘In elk land dat met geweld geïslamiseerd werd, overleefde er wel íéts van de oorspronkelijke beschaving. Groepjes en enkelingen bleven de grenzen opzoeken van wat men nog zelf mocht denken. Er werd gezocht naar mogelijkheden om naast de angstaanjagende, liefdeloze leer ruimte te behouden of maken voor iets anders. Soefi’s, heiligenverering. Maria of andere vrouwelijke boegbeelden of symbolen: er bestaat echt van alles op dat gebied. Mijn beste meneer Schwartz, er is desalniettemin toch maar één islam. Die van Mohammed. Er zijn verschillende interpretaties, inderdaad. Dat lijkt paradoxaal maar het is volstrekt logisch omdat de hele leer van Mohammed hoofdzakelijk bestaat uit het gebod “gehoorzaam mij” en Mo zelf dood is. En, grappig eigenlijk wel, zo staat het ook in de islamitische geloofsbelijdenis: je bent geen dienaar of zoiets van Allah maar volgeling van Mohammed’.
Terwijl Merlijn de laatste zinnen ijzig kalm uitsprak, wisten Rob en Jeff al dat zijn hardste uitspraken nog moesten komen.
‘Je kunt het mensen uit islamitische milieus veel minder aanrekenen dat ze doen alsof ze iets hebben met een god, met Allah dus, in plaats van met Mohammed. Maar mensen die, op een leeftijd dat ze volwassen zouden moeten zijn, volgeling van Mohammed worden: die zijn daar precies van op de hoogte. Die moeten immers die geloofsbelijdenis hardop úítspreken.’
Rob en Jeff reageerden bijna gelijktijdig. ‘Maar wat is nu je punt?’
‘In de week na onze kennismaking op de cursus van Hannah, heb ik je weblog bekeken, Schwartz. Ik trof er allerlei uitspraken aan die voor jou blijkbaar horen bij jouw geheel eigen interpretatie van islam. Mooie uitspraken soms. Mooi op de manier van Loesje-posters en wandtegeltjes. Tegeltjeswijsheid noem ik dat. Tegenwoordig zou je het ook Facebookplaatjes-wijsheid kunnen noemen. Met de leer van Mohammed heeft het allemaal niks te maken. Zal ik zeggen wat ik echt denk?’
Een soort van retorische vraag, van het type dat zo vaak gebruikt wordt dat zelfs autisten of zwakbegaafden er geen moeite mee hebben.
‘Nu worden jullie misschien wel allebei pissig, het zij zo, maar mijn hypothese is dat jij, Rob, de shahada niet eens uitgesproken hebt. Dat je dus volgens geen enkele maatstaf moslim bent. Dat je alleen maar zo je redenen hebt om je als moslim voor te doen.’
‘Nou, nou, Merlijn.’
Rob reageerde op een verbaasd-verontwaardigde toon. ‘Nou já zeg. Waar haal je dat vandaan?’
‘Het is echt geen raketwetenschap. Lieden die veinzen moslim te zijn omdat ze denken dat ze dan vertrouwd zullen worden door moslims: het is gemeengoed in de wereld van de islam. Zelfs Napoleon Bonaparte ging je voor: die probeerde die truc in Egypte. En het sluit even goed aan bij foute politici in het algemeen als bij jouw partij in het bijzonder. Ik trek je intenties niet in twijfel Rob. Die zijn vast héél nobel. Jij wilt iets islamachtigs gebruiken om gezag te krijgen over moslims zodat je hen kunt sturen in de richting van integratie in de Nederlandse samenleving en van een vreedzame interpretatie van hun gedachtegoed. Wat ik van het functioneren van de moderne PvdA begrijp is dit: je doet nooit iets fout zolang je intentie maar goed is en je bewijst dat je intentie goed is door je te bekennen tot de wij-club. Je bent al erg láng lid van de PvdA hè?’
Zijn stem was intussen weer zachter geworden en hij keek Rob nu recht in de ogen. Schwartz had geen moeite om de juiste woorden te vinden maar ze kwamen er piepend uit omdat hij te weinig lucht kreeg. ‘Ja, en daar schaam ik me niet voor. De sociaal-democratie heeft ontzaglijk veel bereikt voor gewone mensen. En zelfs als het waar zou zijn wat jij beweert, dat ik geen echte moslim ben: wat is er mis met integratie van immigranten in de Nederlandse samenleving? Hoe kan je bezwaar hebben tegen een vreedzame interpretatie van de islam?’
Merlijns stem kreeg iets robotachtigs. ‘Je vergeet dat de afgelopen veertien eeuwen al miljoenen mensen die truc met meer of minder succes hebben gebruikt. Sommigen met wat meer banale, overzichtelijker intenties of anderen met nog hoger gegrepene, nog utopischer. En je vergeet dat jij, met jouw werkwijze, eraan bijdraagt dat de leer van Mohammed als zodanig ook verdedigd wordt. En verder dit: naar die lieden met die meer banale of meer utopische intenties, worden door jouw inspanningen ook meer geluisterd. O, en vergis je niet in de bijklank die de term “utopisch” voor mij heeft. Ik denk dan niet aan regenbogen en vlinders, aan Walden of aan Woodstock maar aan de killing fields van de Rode Khmer in Cambodja, aan die van Mao in China en aan de Triumph des Willens van nazi-Duitsland’.
Rob verstijfde. ‘Ik heb nu wel genoeg gehoord’. Moeilijk ademend stond hij op, haalde zijn portemonnee te voorschijn, gooide twee briefjes van 20 euro op de tafel, en liep weg.
Merlijn zette de rand van de asbak op de biljetten. ‘Het zou zonde zijn als ze wegwaaiden. Blijft een aardige man toch. Hij heeft genoeg fooi gegeven voor ons drieën samen.’
Jeff wilde er niet om lachen. Voor zijn doen reageerde hij tamelijk boos. ‘Jij hebt ons nota bene zelf aangemoedigd om naar Malta te komen, Merlijn. Je hebt toen niets gezegd over dat jij dialoog maar niks vindt. Waarom kom je daar nu pas mee?’
‘Simpel. Omdat ik me dat toen nog niet zo gerealiseerd had. Al jaren zeuren er mensen aan mijn kop dat ik me meer zou moeten verdiepen in het mohammedanisme. Ik ben dat een jaar geleden daadwerkelijk gaan doen en toen troffen we elkaar in Flevoland. Een aantal gesprekken daar hielp ook om die studie van mij in een stroomversnelling te brengen. Sindsdien begrijp ik beter waarom ik me er, zeg maar instinctief, zo sterk tegen verzette, maar ik begrijp ook beter waarom mensen mij er toe wilden aanzetten. Ik voel me naar die mensen toe verplicht om op dit vlak mijn beste beentje voor te zetten.’

Kojak kon zich niet meer inhouden. Het werd ook een beetje vreemd dat hij er nog steeds zat. Hen waarnemend. Zonder iets te zeggen. ‘Sorry, dat ik probeerde mee te luisteren. Ik versta niets van uw taal, maar ik begreep natuurlijk wel dat het nogal heftig werd. U had het vast en zeker niet meer over mij, maar als ik vragen mag: sprak u nog steeds over Malta?’
Merlijn stelde de man gerust. ‘Alleen op heel indirecte wijze. Ik ben hier voor zaken. Dat mijn beide landgenoten hier zijn, heeft te maken met hun ideeën over dialoog tussen christenen en moslims. Ik gebruik tegenwoordig voor die beide groepen mensen liever termen als “volgelingen van Jezus Christus” en “volgelingen van Mohammed”. Ik heb net aan Jeff toegegeven dat het ook een beetje mijn schuld is dat zij tweeën überhaupt hier zijn. En ik heb verteld dat het streven naar die zogenaamde dialoog, eh.. nou ja, dat dat eigenlijk een valkuil is.’
‘Zegt u het maar wanneer u mij te brutaal vindt, maar ik heb nog niet gehoord wat Malta daarmee te maken heeft. En hoe heeft u hem zo boos gekregen dat hij wegliep? Hij leek me een kalme, verstandige man. U heeft hem toch niet uitgescholden of zo?’
‘Wanneer uw vraag al te brutaal zou zijn, bestond er een groot tekort aan brutaliteit in de wereld. Kom er bij zitten, meneer.’ Merlijn schoof de stoel waar een minuut geleden Rob Schwartz nog op had gezeten, uitnodigend naar achteren. De man twijfelde twee seconden voordat hij de uitnodiging aannam.
‘Ik zal u zeggen waarom meneer Schwartz wegliep. Over Malta zal ik een bekentenis doen. Die had jij ook nog te goed, Jeff. Ik zei net tegen hen beiden dat ik me een jaartje geleden, met tegenzin, ben gaan verdiepen in de leer van Mohammed. Eigenlijk wil ik me nog steeds niet te veel bezighouden met die narigheid. Ik heb bijvoorbeeld ook nog nooit een voet in een moskee gezet en dat ga ik niet doen ook. Ik vind dat een taak voor de geheime dienst. Mijn ervaring is echter dat hoe meer je je verdiept in dit onderwerp, hoe bozer je wordt. En dan niet eens op de eerste plaats op Mohammed zelf of zijn hedendaagse volgelingen, maar op de vele leugenpraatjes die in dit verband opgehangen worden. Door niet-moslims nog meer dan door moslims, lijkt het wel. Er is best veel kennis beschikbaar over de leer van Mohammed en over de gedragingen van zijn volgelingen in de geschiedenis en vandaag de dag. Ik hoef daar niet speciaal nog iets aan toe te voegen. Dat is niet mijn ambitie. Ik zie voor mijzelf een taak om andere mensen wakker te schoppen. Mensen die misleid worden door halve garen zoals deze Rob Schwartz. Dat hij wegliep was omdat ik beweerde dat hij volgens geen enkele maatstaf moslim is, dat hij de geloofsbelijdenis, de shahada, niet heeft uitgesproken, maar zich alleen voordoet als moslim om hen beter te kunnen manipuleren.’ Na een heel korte pauze voegde hij er aan toe: ’In een fijne richting hoor, dat wel.’
‘Aha.’ De kale Maltees dacht even na. Hij keek van Jeff naar Merlijn en er verscheen een triomfantelijke grijns op zijn gezicht. ’En wat denkt u, liep hij weg omdat hij zich beledigd voelde of omdat hij geen mogelijkheid zag om uw hypothese te weerleggen?’
‘Ja, dat zijn de twee mogelijkheden. Zoiets noemen wij in Nederland de “hamvraag”. In het Engels: “The one million dollar question”. De Nederlandse uitdrukking is in dit verband grappiger omdat er varkensvlees in voorkomt. Waar moslims allergisch voor zijn. Wat denk jij, Jeff? Welke van de twee is het?’
Boot hield de boot af. Hij zat intussen niet meer op het puntje van zijn stoel. ’Ik weet het niet. Je bent echt wel kei- en keihard. Maar je ging ook nog iets bekennen. Ik ben nu wel benieuwd.’
‘Misschien zou ik minder hard zijn wanneer er niet zo ontzaglijk veel mensen waren die hun lafheid als toppunt van deugd presenteerden.’ In het Nederlands voegde hij er aan toe: ‘Ik heb het niet over jou hoor.’
‘In hetzelfde kader van dat wakker schoppen, wilde ik hier op Malta contact leggen met de Hospitaalridders. In de VN zijn er lieden bezig over “herstelbetalingen” van Europese landen aan Caraïbische. Eeuwen geleden zijn er mensen geweest uit die Europese landen die mensen uit Afrika als slaaf naar die Caraïbische landen hebben gevoerd. En daarom moeten sommige landen boete betalen aan andere landen. Mijn plan was om diezelfde geschifte redenatie los te laten op daden van Mohammeds volgelingen in het verleden. Ik wilde de ridders polsen of ze er misschien voor te porren zijn om daarin een rol te spelen.’
‘O ja, daar had je het over in Flevoland. Ik wist niet dat je daar zo serieus mee verder was gegaan.’
‘Het was ook een bekentenis, hè. En die komt eigenlijk nu pas. Dat contact leggen met de ridders werd een fiasco en dat had ik moeten voorzien. Toen ik nog in Nederland zat, had ik al gelezen over hun tegenwoordige opstelling. De ridders schrijven nu dus op hun website dat “de strijd van deze tijd niet meer gestreden wordt met zwaarden”. Dat vind ik niet zo schokkend, ook al zullen de vervolgde christenen in bijvoorbeeld Syrië, Nigeria of Pakistan er wat moeite mee hebben. Maar ze zeggen ook dat de strijd tegenwoordig vreedzaam gestreden wordt door ziekte, armoede en intolerantie te bestrijden. Jawel: intolerantie! Ik had me dus moeten realiseren dat ook de ridders zijn aangetast door dat marxistoïde virus.’
‘Wat voor virus?’, onderbrak Kojak hem.
‘O sorry. Ik heb het over subculturen waarin Karl Marx vaak op een voetstuk staat. Ik heb nooit zin in discussie over wat Karel nu wel of niet zelf gezegd zou hebben. Vandaar: marxistoïde. Toen ik had uitgevogeld hoe de ridders rond 1800 van het eiland gevlucht zijn en wat er daarna nog allemaal met de orde gebeurde, kon ik beter plaatsen dat ze ook zijn aangetast. Maar ik had onvoldoende tot me door laten dringen dat hun hoofdkwartier al lang niet meer op Malta zelf zit. Dat zit in Rome. Er bestaan wel vage plannen voor een terugkeer naar Malta, maar daar is nu nog geen sprake van.’
Jeff leek enigszins opgelucht. Kojak luisterde aandachtig, lichtelijk gespannen zelfs.
‘Ik heb nog wel iemand gesproken van de Maltese vestiging, hoor. Gewoon om erachter te komen hoe erg de ridders zijn aangetast. Door dat virus. Ik heb trouwens nog niet achterhaald hoe de katholieke bevolking van Malta tegenover zo’n terugkeer zou staan. Ik ben daar wel benieuwd naar. In wezen hebben de ridders tegenover Napoleon destijds zowel de bevolking als het katholieke geloof verraden. Maar ik maak me weinig illusies in dit verband. Wat denkt u?’ Hij had zich naar Kojak gewend maar van diens gezicht was direct af te lezen dat die geen antwoord paraat had.
‘De relatie tussen Malta en Europa enerzijds en tussen Malta en Libië anderzijds is een bijzondere. Dat vind je terug in de positie van de World Islamic Dawah Society, de WIDS. Kent u die? Nog door Khadaffi opgezet. Het is nog lastig om daar betrouwbare informatie over te vinden.’
De kale man veerde op. Hier kon hij iets over vertellen. ‘O ja, Khadaffi. Twee jaar geleden was er gedoe in het parlement over hem. Dat ging over het intrekken van onderscheidingen die Malta in het verleden aan de kolonel gegeven had. Wat een blamage voor onze politici. Maar van de organisatie die u noemt, had ik eerlijk gezegd nog nooit gehoord.’
‘Het is de club achter de moskee in Paola. En achter de school die daarbij hoort. Allebei de politieke partijen van Malta hebben goede contacten met ze.’
Jeff stond op. ‘Ik heb voor vandaag mijn dosis politiek en islam wel gehad, heren. Het moet allemaal even bezinken. Ik weet niet hoe het nu verder gaat met Rob. Ik ga niet proberen hem vanavond nog te spreken. Ik zie hem morgen wel bij het ontbijt.’
‘Ga je morgen nou nog mee? Naar de Dingli Cliffs? Ik vermoed dat Rob geen zin meer heeft. Het zou waarschijnlijk ook te zwaar zijn voor hem. Zo’n tien kilometer lopen, schat ik. En daarbij nog een beetje klimmen en dalen. In de zon.’
‘Breek me de bek niet open. Maar ik sta zelf in ieder geval om half tien voor de deur van het hotel’.
Terwijl Jeff zich omdraaide en zijn linnen tasje over zijn schouder hing, hoorde hij dat Kojak het gesprek nog voortzette. ‘Wat bijzonder. U lijkt veel meer te weten van de geschiedenis van ons land en onze huidige politiek dan mijn gemiddelde landgenoot. Maar ik ken iemand die u misschien wel verder kan helpen.’

Het duizelde Jeff.
Niet als gevolg van de warmte en eigenlijk ook niet door de grote hoeveelheid informatie en argumenten waar hij in de loop van de dag mee overdonderd was. Wat wilde Merlijn nu werkelijk? Hij was echt nog moeilijker te doorgronden dan Rob. Probeerde hij die Kojak meneer nu ook weer voor een van zijn karretjes te spannen?
En dat verhaal over dat hij nog maar heel kort bezig was zich te verdiepen in al die discussies, hoe geloofwaardig was dat? Maar als dat niet waar was, wat dacht hij er dan mee te winnen door het zo voor te stellen?


Via deze link kunt u de andere delen van Alexandra’s reis (terug) vinden.

Onder de eerste aflevering (Proloog) is ook een overzicht opgenomen van de belangrijkste personages in het boek. Terveel is het pseudoniem van Frans Groenendijk.

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.