DE WERELD NU

Wildersproces1 – een opmerkelijke omissie

Wildersproces1 5

Het debat tussen islamofoben en islamofielen ging met Wildersproces1 een nieuwe fase in met het besluit van het Amsterdamse Hof om Wilders te laten vervolgen.

De deelnemers aan dit debat hadden meer dan ooit de neiging om de grondrechten waar zij zich op beriepen te verabsoluteren. De moslims en hun beschermheren eisten vrijheid en eerbied voor het mohammedaanse geloof. Wilders en de zijnen eisen vrijheid van meningsuiting, ongeacht wat hun meningsuitingen voor anderen betekenden.

Maar we hebben rechters om de mensen duidelijk te maken dat geen enkel recht absoluut is en dat er altijd een afweging van rechten en belangen plaats moet vinden.

Soms is een schending van het recht zo duidelijk dat iedere afweging overbodig is. Iedereen begrijpt dat je van een recht geen gebruik kunt maken met het uitsluitende doel om iemand anders schade toe te brengen. Daar werd een eeuw geleden nog wel eens anders over gedacht maar sinds het arrest over de Watertoren in Berg en Dal is dat beslist. Zoiets kan niet.

Vrijheid van meningsuiting houdt niet het recht in om te schelden of anderen te kwetsen uit pure haat. Vrijheid van meningsuiting houdt ook niet in dat men de mensen aan mag zetten tot haat en geweld tegen medeburgers. Maar dat heeft Wilders ook niet gedaan en dat proces tegen hem was flauwekul, net als dat tweede proces dat nu tegen hem is aangespannen.

Een bekend voorbeeld van aanzetten tot haat vond plaats aan het begin van de Joegoslavische oorlog. Het was de perscampagne die de Servische leider Milosevitch voerde tegen de Kosovaren en de Bosniaks in zijn land. Bij de beoordeling daarvan hoefde niemand meer iets af te wegen. Dat deugde niet.

Erger nog is de dodelijke haatcampagne van Hoetoe functionarissen in Roeanda geweest die tot de genocide tegen de Toetsi’s heeft geleid. Het historisch meest notoire voorbeeld tenslotte is de haatcampagne van de nationaal socialisten tegen de joden geweest in de dertiger jaren van de vorige eeuw, die uiteindelijk geleid heeft tot de Holocaust.

Kan iemand nu volhouden dat er in het geval van Wilders ook sprake was van een zo eenzijdige op haat en belediging gerichte actie dat het Hof aan een afweging van de rechten en belangen van de politicus en de gekwetste gevoelens van de moslims niet meer toe hoefde te komen?

Het soort doelgerichte haatcampagnes, vergezeld van beledigingen van de soort als Mevrouw Wertheim ooit in de Volkskrant beschreef zijn ipso facto onrechtmatig. Zij vallen onder de delictsomschrijving van de artikelen 137 c en d en horen te leiden tot een strafrechtelijke veroordeling. Dat weten we zeker omdat die bepalingen naar aanleiding van deze campagnes in de wet zijn gekomen. Maar als het zo duidelijk was als in de omschrijving van Mevrouw Wertheim, waarom weigerde het OM dan na rijp beraad in eerste instantie om Wilders te vervolgen? Alleen daarom zou men toch behoefte gehad hebben aan een wat uitgebreider onderzoek van het Hof naar wat Wilders en zijn toen nog beperkte aanhang bewoog.

Waarom vinden Wilders c.s. dat de islam behalve een godsdienst ook een maatschappelijke beweging is? Hoe kunnen zij zeggen dat de Koran behalve een godsdienstig boek ook een gevaarlijk boek is, zodat het nodig is ertegen in het geweer te komen? Het verloop van de procedure heeft ertoe geleid dat dit soort vragen niet beantwoord zijn, maar ze blijven wel interessant en misschien kunnen ze aan de orde komen in de nieuwe procedure die nu plaats vindt.

Wat als Wilders in de eerste procedure die tegen hem werd gevoerd met argumenten aan was komen dragen dat het de islam en de koran zijn waarop Marokkanen en Turken zich beroepen, wanneer zij vrouwen discrimineren of homo’s. Als hij aan had kunnen tonen dat het de koran is die moslims gehoorzamen wanneer zij geweld hanteren tegen andersdenkenden, was zijn veroordeling van dat boek en die godsdienst dan wel rechtmatig geweest?

Ook wanneer moslims geweld gebruiken tegen mensen uit de eigen geledingen, wanneer die er meningen op na houden die de imams in strijd achten met de orthodoxie, mag men dat gedrag dan onrechtmatig noemen zonder dat van belediging jegens een godsdienst en zijn beoefenaren sprake is?

Zou er bij een godsdienst sprake zijn van een absolute bescherming, in tegenstelling tot de andere waarden die in de grondwet worden beschermd? Zou een oproep, om zich tegen de, al dan niet vermeende, negatieve aspecten van de islam te verzetten, haat zaaien zijn zonder dat het Hof daar een nadere motivering voor hoefde te geven?

Het Hof achtte de uitingen van Wilders laakbaar ‘zowel door hun inhoud als door de wijze van presenteren. Deze wijze van presenteren kenmerkt zich door eenzijdige, sterk generaliserende formuleringen met een radicale strekking, niet aflatende herhaling en een toenemende felheid, waardoor er van haatzaaien sprake is’.

De meeste uitlatingen waren in de opvatting van het Hof tevens beledigend, ‘nu zij de moslimgelovigen wezenlijk in hun religieuze waardigheid aantastten’. In de opvatting van het Hof heeft Wilders ook ‘door de symbolen van het moslimgeloof aan te tasten wel degelijk de moslimgelovigen zelf beledigd’.

Erg overtuigend is dit allemaal niet. Herhaling is een bekende politieke techniek. Ook Obama muntte uit door voortdurende herhaling van sterk generaliserende formuleringen die met toenemende felheid worden uitgesproken. Eenzijdig en generaliserend zijn subjectieve kwalificaties. Een belangrijker vraag die een rechter zich bij dit soort aangelegenheden hoort te stellen is: zijn de uitlatingen juist of onjuist? Bevatten zij waarheid en zo niet, meent degene die spreekt wat hij zegt of liegt hij bewust? En als niet kan worden vastgesteld dat ze juist zijn, is een redelijk mens in staat te menen dat ze dat wel zijn? En stel dat ze objectief of subjectief juist zijn is er wel of geen algemeen belang mee gemoeid om ze in het openbaar te uiten? En is het niet bij uitstek de taak en het recht van een politicus om zijn bezwaren tegen een voor Nederland nog redelijk nieuw maatschappelijke fenomeen te formuleren en wordt het hem door de grondwet wel of niet toegestaan om voor deze mening aanhang te werven?

Als het Hof zou hebben gemeend dat hij zich wel in negatieve zin mocht uitlaten over koran en islam, mits hij dat niet onnodig kwetsend deed, waarom zei het Hof dat dan niet? “Wel degelijk” is net als “wezenlijk” geen argument. Het zijn uitdrukkingen die men gebruikt als men eigenlijk geen argumenten heeft. Wanneer Wilders wilde aantonen dat er parallellen zijn tussen Mein Kampf en de koran en aanwijsbare overeenkomsten tussen wat imams in binnen- en buitenland zeggen en wat de nationaal socialisten voor de tweede wereldoorlog zeiden, toen die opriepen tot haat tegen joden en homo’s, dan had de rechter Wilders tot het bewijs moeten toelaten. Dat die mogelijkheid bestond had het Hof beter in zijn afwegingen kunnen betrekken toen het de vervolgingsopdracht aan het OM gaf.

De kwestie is of Wilders, alles afwegende, het recht had om te zeggen wat hij zei, of dat hij daarbij zozeer over de schreef ging dat strafrechtelijke vervolging geboden was. Die afweging had het Hof horen te maken en die afweging heeft het achterwege gelaten. Voor een zo hoog college is dat een opmerkelijke omissie.


Dit artikel verscheen eerder op het Blog van Toon Kasdorp


Eerdere artikelen over Wildersproces 1 en 2 op Veren of Lood vindt u hier.

5 reacties

  1. Bob Fleumer schreef:

    De heersende klasse in Nederland is destructief van aard, ze helpen ons land liever naar de gallemiezen dan dat ze hun ongelijk bekennen, Zij vergeten dat wanneer de islam het hier voor het zeggen heeft zij de eersten zijn die het botte mes van de islam door hun strot voelen gaan maar dan is het duidelijk te laat. Wordt wakker mensen de islam stopt niet vanzelf daar moeten we wel iets aan doen of niet natuurlijk maar dan kunnen we de tent sluiten, wil de laatste het licht uit doen?

  2. jantje schreef:

    De islam zet aan tot haat tegen anders- en niet-gelovigen. Dat staat letterlijk in de Koran en het wordt al vanaf jongs af aan ingeprent in de koranscholen die ook in Europa vrij hun gang kunnen gaan.
    Als er nu iets is dat ultieme haat zaait, dan is dit de Koran.
    Ik houd niet van boeken verbieden, maar als Mein Kampf is verboden, dan zou de Koran dubbel verboden moeten zijn.

  3. Voight-Kampff schreef:

    “opmerkelijke omissie”

    Vanuit het onaantastbare machtskartel in de trias politica is eea goed verklaarbaar!

    Vanuit de belangen van het volk gezien daarentegen niet. Helaas, is het merendeel naïef en onnozel.

    En wb de rechtsstaat; het elimineren van een volksvertegenwoordiger dient te worden beschouwd als een staatsgreep.

    Maw, de rechterlijke macht annexeert de wetgevende macht onder het toeziend oog van de uitvoerende macht.

    Een dergelijk staatsgreep van samenspel tussen de rechterlijke macht (FISA-court) en uitvoerende macht (FBI) speelt zich momenteel ook af in de USA.

    Het Nederlandse volk is volkomen onderworpen en reddeloos verloren. Die Amerikanen zijn wakker en op hun hoede voor het tuig van de staat.

    In Trump we trust!

  4. Dick Kraaij schreef:

    Het is geen omissie. Recht staat tegenwoordig (of misschien al wel heel lang, dan vergis ik mij) in dienst van het cohenisme: de boel bij mekaar houden, theedrinken, sociale cohesie.

    Rechters grijpen iedere strohalm aan om politici als Wilders, die weigeren met meel in de mond te praten, te laten dimmen. Het bewaren van de lieve vrede gaat boven het benoemen en aanpakken van problemen. Dat is een politiek doel. Trias politica, RIP.

  5. Voight-Kampff schreef:

    @Toon. Zou jury rechtspraak een beter alternatief zijn?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *