DE WERELD NU

Willen wij een Groene hond?

NGO's

Of wij – als mensen – een Groene hond willen? Klinkt raar, hè? Maar van geslacht veranderen moet tegenwoordig kunnen alsof je een Latte whatever bestelt.

Het mechanische gemak waarmee ouders tegenwoordig mee gaan in de eventuele geslachtsverandering van hun kinderen, soms op een leeftijd waarop zo’n kind nauwelijks nog weet wat een geslacht inhoudt, begint me steeds meer tegen te staan. Ik sprak laatst iemand die de verdenking formuleerde, dat sommige ouders liever een transseksueel kind hebben dan een homoseksuele zoon. Gewoon, weet u wel: een geboortefoutje dat hersteld kan worden. Ik merkte dat ik er weinig tegenin kon brengen. Verbazen zou het me in een aantal gevallen die ik ken zeker niet.

Dat er bij mensen die zich hebben laten verbouwen steeds vaker sprake is van ‘spijt achteraf’ vind ik een heel veeg teken. Toen ik een jaar of twintig terug eens een stuk las was over transseksualiteit en hoe dat ging bij de VU eer men ging opereren, was mijn indruk er een van grote zorgvuldigheid. Dat ik in diezelfde periode toevallig nog eens een avondje heb zitten kaarten met iemand die ‘onderweg’ was gaf me niet het idee dat deze persoon er nu gelukkiger van zou worden, en de tijd lijkt dat te hebben gestaafd. Maar de wens was vervuld, en er van terug komen is nooit gebeurd. Wel zag ik, dat het toch ook weer niet meeviel. Dus dat er zorgvuldig met dergelijke wensen werd omgesprongen stelde me gerust, en verder was het mijn probleem niet.

Dat dacht ik, tenminste. De complete genderverwarring sinds een paar jaar heeft me beter geleerd. In Utrecht heeft het stadsbestuur al in 2016 het gemeentehuis verbouwd om de toiletten aan te passen. Wie zich niet van de juiste aanspreekwijze tegenover de LHBTetc. bedient wordt al snel weggezet als onbeschoft of genderisme-vijandig (terwijl ik alleen onverschillig ben, en hoopte te kunnen blijven). Het heeft ons de opkomst van de Canadees Jordan Peterson opgeleverd, maar dat soort dingen is altijd een vorm van geluk bij een ongeluk. Want was het dat waard?[1]

Om op die Groene hond terug te komen: ons geklungel met DNA zal op een dag opleveren dat we in kunnen grijpen in de erfelijkheid van dier en mens, als we eenmaal hebben geleerd welke delen van het DNA daar invloed op uitoefenen. Ik ben niet per se tegen experimenten met genetische modificatie, maar een keiharde grens moet naar mijn gevoel eerst worden getrokken eer men verder gaat dan men nu al is.

Omdat we nu al weten dat elk element van dat DNA op meerdere zaken tegelijk invloed uitoefent (en dus de ingebouwde bijwerkingen zowel onbeperkt als legio zullen zijn) en omdat mensen niet vertrouwd kunnen worden met speelgoed met onbegrensde mogelijkheden. Veruit de meeste mensen in ieder geval niet, en die enkele uitzondering moet dan maar lijden ten behoeve van het algemeen welbevinden. Niet alles is maakbaar, maar dat mag je geloof ik niet langer verkondigen om niet bij kwetsbare mensen emotionele schade te veroorzaken?

Pah!

In ieder geval is mijn antwoord op de vraag uit de titel: ik wil niet gebeten worden door een Groene hond, niet lastig gevallen worden met Rode hond en was liever van de honden van het Islamitisch geloof verschoond gebleven. Maar om al deze zaken bewust te gaan fokken is pas echt van de ratten gebeten. Geef mijn portie dan liever aan Fikkie. Met je maakbaarheidsobsessies.


  1. Omdat ik Godwins graag uit de eigenlijke tekst houd, merk ik hieronder op dat dit ook een uitstekende rechtvaardiging zou zijn voor blij zijn met Adolf Hitler. Die immers maar mooi de excessen van het antisemitisme in Europa op de kaart heeft gezet.

1 reactie

  1. carthago schreef:

    Helemaal mee eens.Ook alle groenlinkse honden terug naar mars.