DE WERELD NU

Vreemdelingen in je land

Vreemdelingen 2

Vreemdelingen in je land? Gezegd mag het niet meer worden, maar veel inwoners van Nederland – waaronder de bedoelde vreemdelingen – voelen het zo.

Het is een probleem waar veel mensen en hun overheden mee worstelen: hoe ze met vreemde etniciteiten in hun land moeten omgaan. Daarbij ook de vraag in hoeverre individuen in de wetgeving als groepsleden kunnen worden aangemerkt zonder dat dit meteen als discriminatie wordt uitgelegd.

Bijna iedereen voelt zich zelf zonder bezwaren Nederlander en heeft er geen moeite mee om waar dan ook als Nederlander te worden behandeld. Als Engeland aan de grens een apart douaneloket voor Nederlanders zou hebben, zouden wij dat niet erg vinden, tenminste als de rij er voor maar niet langer was dan voor andere loketten.

Wanneer het Nederlands elftal speelt dan leven we mee, ook als we eigenlijk helemaal niet van sport houden, maar alleen omdat we Nederlanders zijn. Lid zijn van een groep hoort tot het dagelijks leven en iedereen wil er ook toe horen, maar je mag iemand geen verwijt maken vanwege de groep waar hij toe hoort. Dan is het discriminatie. Toch kan het een moeilijk zonder het ander, zolang er groepseigenschappen zijn en deze onmogelijk allemaal positief kunnen worden gewaardeerd.

Het omgaan met groepen wordt verder ingewikkeld gemaakt doordat mensen tot meer dan een groep horen en zij in de ene groep soms niet op het lidmaatschap van de andere willen worden aangesproken

Wie op een kantoor mensen van een andere etniciteit om zich heen heeft, die verder dezelfde taal spreken en hetzelfde werk doen als iedereen, dan zal hij ze zelden op hun groepsaanhorigheid aanspreken, maar eerder op hun persoonlijke prestaties en eigenschappen. Het individualiseert om samen in dezelfde gestructureerde omgeving te verkeren, vooral wanneer daar iedereen van anderen afhankelijk is. Een overzichtelijke groep, die voor het dagelijks leven belangrijk is, verdringt als het ware het lidmaatschap van andere groepen. Maar alleen als de betrokkenen zich binnen deze groep ook als individuen gedragen. Wanneer ze eruit springen door uiterlijk, taal of om een andere reden en zij zich bovendien weer als groep afzonderen van de rest, dan werkt de integratie niet.

We zitten met twee miljoen recente immigranten in Nederland die opvallen door uiterlijke kenmerken die hen onderscheiden van autochtone Nederlanders. Maar behalve dat ze allemaal anders zijn dan de autochtonen, onderscheiden veel allochtonen zich ook van elkaar. Chinezen, Indonesiërs en Zuid Amerikanen bijvoorbeeld, lijken in niets op elkaar, behalve soms in huidskleur en Engelsen en Amerikanen hebben meer overeenkomsten met autochtone Nederlanders dan met niet-westerse allochtonen. Hoe dan ook, het valt hier op dat wanneer immigranten, westerse zowel als niet-westerse, zich maar niet als een aparte groep in de samenleving manifesteren er weinig problemen bestaan. Omdat binnen die twee miljoen vreemdelingen zich honderdduizenden onderscheiden door typerend gedrag en kleding, steken zij af bij de andere allochtonen en bij de autochtonen.

Er is in Amsterdam één wijk, de Bijlmer, die men Afro-Europees zou kunnen noemen en die gekenmerkt wordt door een eigen mengcultuur, maar voor het overige zijn er eigenlijk in Nederland geen Surinaamse of Afrikaanse wijken. Alle grote steden kennen wel in toenemende mate Marokkaanse wijken en die staan praktisch allemaal op de lijst van voormalig minister Vogelaar.

Probleemwijken dus.

Het is onjuist om alle allochtone Nederlanders over een kam te scheren. Dat doet ook bijna niemand. Het is net zo onjuist om alle reacties van oude Nederlanders over een kam te scheren. Wanneer er etnische spanningen bestaan dan is dat niet tussen oude Nederlanders en nieuwe maar tussen moslims en de anderen. Dat komt omdat grote delen van de moslimgroeperingen en daaronder vooral de Marokkanen, zich van de rest van de bevolking distantiëren om redenen die zij aan hun geloof ontlenen.

In Marokko droegen tot voor kort alleen oude vrouwen nog een sluier op straat. In Turkije heeft de redder des vaderlands Moestafa Kemal Ataturk de oude moslimgebruiken en het moslimgeloof uit de publieke ruimte geweerd. Sluiers en andere typerende kleding werden daar verboden en typerende moslim gewoonten en gebruiken werden zoveel mogelijk afgeschaft. Sindsdien ging het met Turkije veel beter dan voorheen en veel beter ook dan met de omringende moslimlanden.

Dat vindt men niet terug in de rapportage, die Erik Jan Zürcher over Turkije maakte voor de WRR en voor de EU. Hij maakte omgekeerd, van de re-moslimisering van het land een pleidooi voor de toelating tot de EU. Dat was de reden voor een uitzonderlijk hoge onderscheiding die hij kreeg van de Turkse regering. Niettemin wordt Kemal Ataturk door iedereen die hem bestudeerd heeft als een verstandig mens beschouwd en wordt hij nog steeds door veel Turken vereerd als de vader des vaderlands.

Men doet er goed aan de maatregelen die hij noodzakelijk achtte niet zonder nader onderzoek te verwerpen. Hij kende de islam, zijn eigen geloof, beter dan wij. Het weren van de specifieke Midden Oosten cultuur is belangrijk wanneer men ernst wil maken met de vermindering van geweld en armoede in de wereld en een democratische welvaartsstaat wil bewaren in Nederland.


Dit artikel verscheen eerder op het Blog van Toon Kasdorp

2 reacties

  1. Avander schreef:

    Hij wist het wel zeer goed te formuleren, ( ik zou bijna willen zeggen mijn “mentor ) Toon Kasdorp”. De vinger op de zere plek. Zijn blog zou verplichte kost moeten zijn voor een ieder die vandaag de dag voor volksvertegenwoordiger kan doorgaan.

  2. Gerrit Joost schreef:

    @ Avander – een gemis, dat Toon er niet meer is. Gelukkig heeft hij veel waarheid en overdenkingen geschreven en mogen we dit nog dagelijks lezen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.