DE WERELD NU

Over het Westen

westen 2

De Amsterdamse hoogleraar Schuijt schreef in de bijlage Opinie en Debat van de NRC van 18 september 2004 over Nederlandse intellectuelen. Hij maakte zich zorgen over het peil van het publieke debat hier.

Schuijt vond dat sommige deelnemers te veel argumenten ad hominem gebruikten en andere te weinig hun verstand. Dat onvoldoende hun verstand gebruiken duidde hij aan door te zeggen dat er te veel half- intellectuelen deel namen aan de debatten. Wie hij met die half-intellectuelen allemaal bedoelde weet ik niet precies, want als je zijn artikel leest lijkt het erop dat daar praktisch iedereen onder zou moeten vallen. Aan de hoge eisen die hij aan intellectuelen stelt voldoen wij praktisch geen van allen.

Intellectuelen zijn volgens Schuijt lieden die “met verstand praten over zaken waar ze niet voor zijn opgeleid”.

Een voorbeeld is in zijn ogen misschien Mark Blaisse, die in dezelfde bijlage, op pagina 17, werd aangekondigd als een historicus, maar die, als ik mij goed herinner, geen historicus is van professie, maar journalist. Hij schreef een historisch artikel over de relatie tussen Europa en Amerika. Ik wil nu met het artikel van Schuijt in mijn achterhoofd nagaan of we in Blaisse te maken hebben met een intellectueel of met een half intellectueel.

Zijn opvattingen leken mij wel representatief voor de gemiddelde Nederlandse stukjesschrijver. Ik heb er een aantal stellingen uitgezocht die ik persoonlijk onjuist vond of ook wel onvoldoende beargumenteerd.

Stelling 1. “Timothy Garton Ash is een invloedrijk historicus; hij beweert dat er naast Amerika en West Europa, die hij gezamenlijk aanduidt als het westen, geen alternatieve machten zijn die ervoor kunnen zorgen dat de wereldvrede behouden blijft”.

Dat lijkt geen onjuiste, maar wel een verkeerd geformuleerde stelling, waarvan ik overigens niet zeker ben of Blaisse haar voor zijn rekening neemt. Als hij of Ash hier bedoelen te zeggen dat een natie, om de wereldvrede te bewaren, zowel de daarvoor benodigde wil als de macht moet hebben , dan had hij kunnen volstaan met Amerika te noemen. De Europese Unie is geen natie, bezit voor zo’n opdracht niet de middelen en misschien ook wel niet de wil.

Stelling 2. “Het westen is geen bruikbaar begrip meer”.
Het westen was volgens Blaisse “de benaming voor een groep van landen die hun manier van leven, die soms ook wel de burgerlijke samenleving wordt genoemd, hebben gevormd onder invloed van de verlichting”. Behalve de landen van West Europa horen de Verenigde Staten van Amerika, Canada, Australië en Nieuw Zeeland daartoe. De Oost Europese landen hebben er voor gekozen zich bij het westen aan te sluiten en een aantal Aziatische landen zijn als het ware geaffilieerd lid van de vereniging.

Amerika is het typische kind van de Verlichting, meer dan ieder ander land, omdat de Amerikaanse grondwet en de Onafhankelijkheidsverklaring ideologische aspecten van de verlichting bevatten en omdat Amerika bewust deze documenten hanteert als kern voor de civiele opvoeding van haar burgers. Amerika heeft als natie haar ontstaansgrond in de beginselen van de Verlichting. Iets dergelijks geldt misschien staatsrechtelijk ook voor de Franse republiek, maar niet voor Frankrijk als natie. De Europese landen ontlenen geen van allen hun nationale identiteit aan de Verlichting en dat geldt a fortiori voor de Oost Aziatische associés.

De Verlichting is een geestelijke stroming die volgens moderne opvattingen in Nederland is ontstaan in de vroege zeventiende eeuw en tot een latere bloei is gekomen in de achttiende eeuw, in een dialoog tussen Engelse en Franse filosofen; de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring is de eerste staatkundige vormgeving van de Verlichting, de Franse revolutie de tweede. Belangrijke kenmerken zijn de burgerlijke vrijheid, de rechtsstaat, het rationalisme, geloof in de vooruitgang en in de toekomst als een maakbaar project, de scheiding van kerk en staat, een wetenschappelijk wereldbeeld en technisch-wetenschappelijke toepassingen in de industrie.

Humanisme, mensenrechten en democratie[1] zijn de sleutelbegrippen voor de ethische zijde van de burgerlijke samenleving. Als over de westerse wereld wordt gesproken, dan staan ons onder meer deze kenmerken voor ogen.

Blaisse vindt het begrip westen niet bruikbaar meer, dat wil zeggen niet meer op beide werelddelen van toepassing, maar hij voert geen argumenten aan waarom hij in dit opzicht een onderscheid wenst te maken tussen de Verenigde Staten en Europa. Dat kon hij ook moeilijk, want er zijn geen verschillen tussen Amerika en de Europese landen die niet ook op een of andere manier tussen de Europese landen onderling voorkomen. Alle belangrijke kenmerken van de westerse samenleving zijn zowel hier als ginder aanwezig en tegenwoordig niet in mindere mate dan dat vroeger het geval was. Het begrip “het westen” is daarom volgens mij nog steeds een bruikbaar en actueel begrip.

Tot aan de Tweede Wereldoorlog waren er in Europa belangrijke tegenstromingen tegen de Verlichting, waaronder vooral stromingen van religieuze en van nationalistische aard[2]. In Nederland hadden we de antirevolutionaire en katholieke bewegingen, die zich tegen de leer van de volkssoevereiniteit richtten en zich verzetten tegen een ethiek die op de mens in plaats van op God gericht is. De religieus geïnspireerde politieke richtingen zijn uitgemond in het tegenwoordige CDA, dat intussen even humanistisch en verlicht is als de liberale en socialistische partijen.

In de Duits en Slavisch sprekende landen waren het vooral de nationalistische bewegingen die succesvol bleken, maar die zijn door de wereldoorlogen en de nazi’s in diskrediet gebracht. Een tijd lang leek het of het obscurante marxisme van de communistische landen een alternatief zou kunnen vormen voor de Verlichting in het Oosten van Europa en op andere plaatsen in de wereld, maar ook dat is sinds het einde van de tachtiger jaren niet meer het geval[3], in elk geval niet binnen Europa. De beginselen van de verlichting worden in het Westen niet langer aangevochten, niet binnen Europa en niet in haar volksplantingen in andere delen van de wereld. In die zin is het westen nu een eenduidiger begrip dan het ooit eerder is geweest. Dit lijkt ook ongeveer te zijn wat Fukuyama bedoelde met zijn Hegeliaanse “einde van de geschiedenis” al schijnt hij daarbij de hele wereld als westers[4] te beschouwen.

Stelling 3. “Groot Brittannië ondergaat een identiteitscrisis omdat het niet weet of het een deelstaat van de VS aan het worden is of dat het aan moet haken bij Europa”.
Het UK is lid van de E.U., maar voelt zich met de meeste E.U.-leden cultureel minder verbonden dan met de VS, dat is wat hier ongeveer wordt bedoeld, vermoed ik. Die culturele verbondenheid geldt niet alleen voor Groot Brittannië, maar bijvoorbeeld ook voor Nederland en de Scandinavische landen. Al deze landen hebben meer op met democratische stromingen in de VS dan met de huidige regering Trump en haar achterban, dat is waar. Maar dat betekent niet automatisch dat we hier ook meer gemeen zouden hebben met Frankrijk of Italië dan met de V.S.  Onze kinderen spreken allemaal Engels en maar weinig spreken er Spaans of Frans; ze gaan in de VS studeren als ze de gelegenheid krijgen en niet in Madrid of Parijs; ze luisteren naar Amerikaanse muziek, bekijken Amerikaanse films en televisieprogramma’s, eten hamburgers bij McDonalds, dragen jeans en T-shirts en shoppen in de supermarkt. Met Franse cultuuruitingen hebben ze veel minder van doen dan hun overgrootouders[5]; francofiel is in het Noorden van Europa praktisch niemand meer. Ze gaan in het Zuiden van Europa met vakantie, maar daartoe beperkt zich in het algemeen de interesse voor dat deel van ons continent.

Europa is een schitterend werelddeel met een grote variatie aan subculturen en een heel diverse geschiedenis. Er bestaat geen staatkundige eenheid en veel minder culturele eenheid dan in Amerika. Culturele gelijkvormigheid en staatkundige eenheid zullen er Deo volente ook nooit komen in Europa. Ontstaat de noodzaak tot een staatkundige eenheid, dan zal dat een teken zijn dat het slecht gesteld is met de wereld.

Er bestaat daarom ook geen alternatieve keuze voor Amerika of voor Europa in staatkundig opzicht. Amerika is Amerika en Engeland is Engeland. Engeland ligt aan deze kant van de Atlantische oceaan en Amerika aan de andere. Voor Europa kies je niet, daar woon je. Voor alle Europese landen geldt dat ze in de eerste plaats zich zelf zijn. Europa is staatkundig een construct sui generis, een vorm van samenwerking tussen soevereine landen en niet een alternatief voor de VS.

Stelling 4.”De gedachte dat de eenheid in het Westen weer zal worden hersteld is hopeloos onhistorisch”.
Als hiermee werd bedoeld dat de gemeenschappelijke NATO politiek tegenover het Sovjet blok niet terug zal komen, dan is die stelling onweerlegbaar: er is geen Sovjet blok meer. Er was toen dit geschreven werd ook geen tegenstander die een vergelijkbare bedreiging voor de wereldvrede kon betekenen, maar Rusland is militair gesproken wel weer een heel stuk vooruit gegaan sinds de tijd van Jeltsin. Er is dus nu ook weer meer noodzaak voor een nauwe coördinatie van de buitenlandse politiek tussen Amerika en de andere NATO landen. Bovendien is de culturele verbondenheid tussen Amerika en de westerse landen op andere plaatsen in de wereld nu groter dan ooit. Als de Europese landen zich terugtrekken op zich zelf en hun aandeel in het realiseren van de verlichtingsidealen niet meer zouden leveren, dan is de wereld op afzienbare tijd niet meer westers maar alleen nog maar Amerikaans westers. Canada en de Europese landen in de Stille Oceaan kunnen de rol van Europa niet overnemen. Als de historische inbreng van de Europese landen verloren zou gaan dan zou die verschraling niet alleen in de rest van de wereld maar ook in de Verenigde Staten worden betreurd.

Stelling 5. “Amerika begrijpt niet hoe belangrijk stabiliteit in het Midden Oosten is voor Europa”.
Het tegendeel is het geval. Amerika begrijpt beter dan de meeste Europese landen hoe belangrijk stabiliteit is in het Midden Oosten en probeert aan de instabiliteit ook als enig Westers land iets te doen. Het Midden Oosten kent vier [6] grote problemen die ieder hun aparte bijdrage leveren aan de daar heersende labiliteit:

  • a. Er bestaat een oude cultuur, die sinds de Middeleeuwen nauwelijks is veranderd, maar in de twintigste eeuw onder druk van het Westen en als gevolg van de oliewinning tot verandering wordt gedwongen. De mensen die zich met deze cultuur identificeren voelen zich in hun zelfbeeld aangetast als gevolg van de veranderingen die hun meer overkomen dan dat zij ze zelf entameren.
  • b. In het Midden Oosten bestaan belangrijke inkomensstromen, waar geen economische prestaties tegenover staan, te weten de olieroyalties. Die inkomsten worden niet of nauwelijks gebruikt om een productieapparaat in stand te houden waar mensen werk en inkomen aan kunnen ontlenen. Zij worden wel gebruikt voor allerhande ongerechtigheden, onder meer voor het financieren van islamisme en terrorisme.
  • c. Door een partiële overname van de westerse levenswijze is het evenwicht tussen geboorte en sterfte komen te vervallen. De explosieve bevolkingsgroei die daar het gevolg van is, wordt niet opgevangen door een evenredige economische groei.
  • d. Er bestaat geen godsdienst of ideologie die geweld uitsluit als eerste middel van conflictbeslechting. Iedere aantasting van wat als een eigen recht wordt gezien wordt in het Midden Oosten waar mogelijk beantwoord met geweld. Aan de mate van reactief geweld worden technische maar geen morele grenzen gesteld.

De Amerikaanse regering meent dat voor drie van de vier gesignaleerde problemen[7] een en dezelfde oplossing kan dienen, te weten invoering van de democratie. Invoering van democratie betekent invoering van de westerse beschaving, niet alleen in haar technische maar ook in haar morele aspecten. Die beschaving blijft tot nu toe beperkt tot Israël en is elders in het Midden Oosten hoofdzakelijk vertegenwoordigd in een aantal uiterlijke verschijningsvormen. Democratisering zou betekenen dat verouderde islamitische levenswijze zou moeten worden opgegeven zodat de islam in het Midden Oosten een zelfde functie kan krijgen als het christendom in het westen: privé hoedanigheid van individuen.

De westerse beschaving brengt overal waar zij wordt ingevoerd een verhoging van de welvaart mee, zoals dat onder andere op spectaculaire wijze in Oost Azië is gebeurd. Verwacht werd dat dit ook in het Midden Oosten ging gebeuren als de democratie daar wortel zou schieten. De bevolkingsgroei zou in het Midden Oosten als gevolg van de gestegen welvaart afnemen en tegelijkertijd zou die groei beter kunnen worden opgevangen. Humanistische en democratische gewoonten zouden na verloop van tijd een einde maken aan het endemische geweld.

Amerikanen die in hun eigen land hebben gezien hoe mensen die afkomstig zijn uit de meest uiteenlopende beschavingen binnen één generatie tot Amerikanen worden omgevormd, zien niets verbazingwekkends in zo ‘n programma. Ze miskennen daarbij misschien de inertie van de bestaande culturen buiten Amerika en ook wel het aanpassingsvermogen van individuele immigranten in hun eigen land. Europeanen hebben een andere ervaring en weten intussen beter.

De eerste tien jaar na de Wende probeerde men zonder veel succes om Oost Duitsers in West Duitsers te veranderen. Dat eerste gebrek aan succes verbaasde eigenlijk iedereen omdat in de jaren tussen 1945 en 1985 zo veel miljoenen vluchtelingen uit de DDR en andere communistische landen zonder moeite in West Duitsland waren geïntegreerd. Het veranderen van een cultuur van een heel land is kennelijk iets anders dan het opnemen en integreren van immigranten of vluchtelingen in een ander land.

Er is in elk geval meer nodig dan een beperkte militaire actie om een veertien honderd jaar oude cultuur uit haar spoor te tillen, hoe goed de achterliggende bedoelingen van de Amerikanen daarbij ook geweest mogen zijn. Invoeren van democratie is geen gemakkelijke opgave. Democratie is niet alleen een kiesstelsel en een rechtsstaat is niet alleen gefundeerd op wetten maar ook op de wil van de bevolking om de wetten na te leven en op handhaving door een overheid die zich ook zelf aan de wetten houdt.

Niettemin, Amerikanen begrijpen best hoe belangrijk stabiliteit in het Midden Oosten en een ongestoorde olietoevoer voor de Europese landen is. Ze menen alleen – en niet ten onrechte – dat het Midden Oosten niet stabieler zal worden zolang de oorzaken van de instabiliteit niet worden weggenomen. Daarvoor helpt het niet als men in het Westen met de armen over elkaar blijft zitten. Waarover men met de Amerikanen van mening kan verschillen is over de gebruikte methoden, maar niet over het feit dat de instabiliteit van het Midden Oosten een gevaar vormt voor de rest van de wereld en een gevaar dat we niet negeren kunnen.

In navolging van de Arabieren kun je ook bij Europese politici tegenwoordig wel horen dat de werkelijke oorzaak van de instabiliteit in de regio de aanwezigheid is van de staat Israël. Mark Blaisse met zijn belangstelling voor geschiedenis weet natuurlijk beter. De bevolkingsexplosie en een gebrek aan godsdienstige of ideologische remmingen heeft in de Soedan en Algerije tot nog veel grotere moordpartijen geleid dan in de Libanon of in Palestina. De oorlog tussen Iran en Irak had met Israël niets van doen en ook de Irakese moord op de Koerden of de Koerdisch/Turkse moord op de Armeniërs vond plaats zonder bemoeienis van Israël of van de joden.

De gedachte die vaak impliciet is in de Europese opvattingen, te weten dat een moorddadige cultuur iets is wat de mensen in het Midden Oosten nu eenmaal graag willen en iets dat we ze zouden moeten gunnen, wordt door de Amerikanen verworpen. In dat opzicht zijn ze in elk geval verlichter dan Mark Blaisse en veel andere Europese intellectuelen, die kennelijk menen dat je anderen hun ellende niet mag onthouden. Persoonlijk ben ik pessimistischer dan de Amerikanen en vrees ik dat de instabiliteit van de regio zal voortduren zolang de olie en de royalty’s blijven stromen. Ik denk dat Europa en ook de rest van de wereld pas rust zullen krijgen als er geen olie meer komt uit het Midden Oosten en men als gevolg daarvan daar niet meer beschikt over de middelen om de rest van de wereld in beroering te brengen. Het blijft overigens waarschijnlijk dat we er dan andere problemen voor in de plaats zullen krijgen.

Stelling 6. “Amerika kent een ongeremd kapitalisme, terwijl in Europa de verzorgingsstaat is ingevoerd als een compromis tussen kapitaal en arbeid”. De great society die president Johnson in 1964 invoerde was niet anders dan een Amerikaanse variant op de welvaartsstaat. De wetgeving van de war on poverty deed in een aantal opzichten hetzelfde wat de welfare state wetgeving in Engeland en de andere Europese landen heeft gedaan in de jaren veertig en vijftig. Eerder dan de Europeanen kregen de Amerikanen in de gaten dat een samenleving die een arbeidsloos inkomen mogelijk maakt voor wie niet arbeiden kan, de mogelijkheid tot parasiteren biedt aan wie niet werken wil. In Europa, in ons eigen land en buurland Duitsland werden we voor de keus gesteld om de welvaartsstaat te hervormen of haar te gronde te zien gaan. Door de minder homogene samenstelling van de bevolking werden in Amerika in een aantal opzichten de problemen eerder en duidelijker zichtbaar dan hier en werd er daarom ook eerder wat aan gedaan. De keuze is nu tussen een beperkt vangnet voor wie het werkelijk nodig heeft en een gegarandeerde minimum welvaart voor iedereen. Die keuze is dezelfde in de VS en de andere Westerse landen en zij zal van grote invloed zijn op de toekomstige welvaart[8].

Stelling 7. “Amerika heeft gedurende het grootste deel van haar bestaan Europa genegeerd en toen het wel ingreep in de grote Europese burgeroorlog van de twintigste eeuw, heeft het er een potje van gemaakt”.

Dat Amerika zich niet alleen tegenwoordig, maar altijd al op Europa heeft georiënteerd, daarover kan geen twijfel bestaan. Lees de Amerikaanse literatuur, kijk naar de curricula van haar universiteiten of spreek ook tegenwoordig nog op straat met een willekeurige Amerikaan en het zal U opvallen dat de belangstelling voor Europa nog steeds groot is. Die belangstelling strekt zich niet uit tot de Europese politiek, die men in Amerika vooral als irrelevant beschouwt, maar voor het overige omvat zij alle aspecten van het culturele leven. Een reis naar Europa staat op het programma van iedere Amerikaan die het zich kan veroorloven. Blaisse bedoelt te zeggen dat sinds president Monroe Amerika geen politieke bemoeienissen van Europese mogendheden wenste op het westelijk halfrond en daartegenover zelf wilde afzien van ingrijpen in Europa of op andere plaatsen in de wereld. Op verzoek van Europa is die doctrine losgelaten in 1917, aan het einde van de Eerste Wereldoorlog.

Het is onrechtvaardig en onhistorisch om Amerika te beschuldigen van het mislukken van de Parijse vredesverdragen na de Eerste Wereldoorlog. President Wilson bezat de macht niet om Europa in te richten naar zijn eigen denkbeelden. De Vrede van Versailles is niet op Amerikaans maar op Frans aandringen zo anders uitgepakt dan de Duitsers hadden verwacht en hadden mogen verwachten. Als het aan de VS had gelegen zou de vrede na de Eerste Wereldoorlog er wel zo ongeveer hebben uitgezien als de wapenstilstand na de Tweede. Die grootmoedigheid en misschien ook wel dat zelfvertrouwen hebben de Fransen in het Interbellum niet op kunnen brengen. De Marshallhulp en de overige steun die Europa na de Tweede Wereldoorlog van Amerika heeft ontvangen spreken meen ik voor zich. Daar kan geen kritiek op wezen, althans niet door mensen die het hebben meegemaakt. De ouders van Blaisse die de Amerikaanse hulp aan den lijve hebben ervaren, zouden zich daarom waarschijnlijk anders hebben uitgedrukt dan hij. Europeanen zijn de laatsten die de Amerikanen een verwijt kunnen maken over hun politieke optreden in de twintigste eeuw. Niet de Amerikanen, maar wij hebben de wereldoorlogen veroorzaakt in de eerste helft van de eeuw. De vrede in de tweede helft is het werk van de Amerikanen. Niemand zal overigens willen beweren dat de Amerikanen geen fouten kunnen maken, maar het zijn vrijwel altijd fatsoenlijke fouten, die voortkomen uit onbekendheid met de situatie en uit idealisme, niet uit wraakzucht of uit angst. Ook is het misschien geen toeval dat Amerika nooit een Stalin, Hitler of Napoleon heeft voortgebracht. Boemannen in Amerika zijn van het formaat van Joe McCarthy en worden daar zonder hulp van buiten in het eigen democratische proces aan de kant gezet

Stelling 8. “De Europeanen hebben in cultureel opzicht meer met de Russen dan met de Amerikanen gemeen, een culturele verbondenheid die bijvoorbeeld ook geldt tussen Italianen en Argentijnen of tussen Portugezen en Brazilianen”.

Dat is zo klaarblijkelijk niet waar, dat iedere lezer zich zal hebben afgevraagd waar Blaisse dat idee vandaan heeft. Hij is misschien nooit in Rusland geweest, of als hij er geweest heeft hij daar nooit contact gehad met gewone Russen. Het zijn niet alleen de zeventig communistische jaren, het is de hele Russische geschiedenis met zijn orthodoxie, zijn lijfeigenen en zijn Tartarentrauma’s die Rusland voor ons zo vreemd en oninvoelbaar maakt. Het Rusland van na Peter de Grote heeft belangrijke culturele prestaties geleverd. Poesjkin, Tolstoi en Toergenjev horen tot de toppen van de wereldliteratuur en soortgelijke lovende dingen kunnen worden gezegd over hun wetenschap, muziek en schilderkunst. De Russische elite is een aantal eeuwen lang op West Europa georiënteerd geweest, maar dat maakt Rusland nog niet tot een Westers land, evenmin als Balkan staten als Griekenland en Turkije dat zijn. Dat Russen bij de West Europeanen zouden horen, ongeveer zoals de Italianen bij de Argentijnen of de Brazilianen bij de Portugezen, dat is een gedachtelijn die helemaal niet te volgen is. Argentinië lijkt in weinig of niets op Italië, de mensen die er wonen spreken niet eens Italiaans, ze zijn alleen in meerderheid van Italiaanse afkomst. Daarbij zijn er alles bij elkaar ook minder “Italiaanse”Argentijnen dan er “Italiaanse” Amerikanen in de Verenigde Staten wonen. De Brazilianen spreken in elk geval nog Portugees, maar zij beschouwen zich zelf allerminst als derivaten van Portugal en het lijkt mij ook terecht.. Brazilië is misschien wel de enige originele eigen cultuur op het Westelijk halfrond naast de westerse.

Maar terug naar het onderwerp, er is geen ontkomen aan, wat Blaisse ook beweert: Amerika is een westers land, net als de West Europese landen. En dan dit nog: als het er op aan komt hebben wij als noordelijke en van oorsprong protestantse landen in Europa meer met Amerika gemeen dan met het romaanse en katholieke gedeelte van ons eigen werelddeel.

Stelling 9. “Het wordt tijd voor een nieuwe definitie van het begrip westers”.
Dat wij niet meer zouden weten wat wij onder westers zouden moeten verstaan is een misvatting. Natuurlijk is westers niet alleen een ideologisch maar ook een historisch begrip en kan er daarom verschil van mening zijn over waar dat precies begint en ophoudt. Dat Amerika er in cultureel[9] zowel als in economisch en militair opzicht het hart van uit maakt valt echter hoe dan ook moeilijk te ontkennen.

Ik meen argumenten te hebben aangedragen waarom de negen stellingen die ik uit het artikel van Blaisse haalde onjuist of niet ter zake zijn. Juist of onjuist was overigens niet het criterium waaraan getoetst zou worden. Dat criterium was, of de stellingen in het artikel behoorlijk zouden zijn onderbouwd, voor zover ze niet evident zouden zijn. Ik meen dat noch het een noch het ander het geval is, maar wacht een discussie daarover graag af.


  1. Onder democratie hier te verstaan een regime dat de instemming heeft van de meerderheid van de burgers maar waarin tegelijkertijd minderheden zich veilig kunnen voelen.
  2. Misschien is het beter te spreken van varianten dan van tegenstromen, want belangrijke elementen van de verlichting waren ook in de autocratische Duitse staten aanwezig. Het religieuze verzet had vooral betrekking op de seculiere en ethische aspecten van de verlichting en in veel mindere mate op de staatkundige. De hoofdstroming van het liberalisme kenmerkte zich door de idealen van vrijheid en gelijkheid van alle mensen en door het propageren van een democratische regeringsvorm.
  3. Het resterende marxisme in zulke verschillende landen als Cuba, Birma, Noord Korea ,de Chinese Volksrepubliek en niet te vergeten Venezuela, is meer een vorm van autocratie dan dat het een ideologische betekenis heeft. Het dient om het regime op een ondemocratische manier in het zadel te houden en daarnaast om iets van een eigen vorm van leven te handhaven naast de dominante Westerse cultuur. Het is geen sociaal economisch programma meer voor de toekomst.
  4. Misschien is dat ook wat Blaisse bedoelt als hij meent dat het westen een verouderd begrip is, maar dat zijn moslims maar ook westerse schrijvers als Huntington dan niet met hem eens.
  5. Bij mijn grootouders en hun generatie stonden Franse boeken in de kast, maar in mijn vaders tijd waren die vervangen door Duitse en mijn generatie leest vooral Engels. De generatie van mijn kinderen leest geen boeken meer, die werkt of kijkt TV.
  6. De vier gesignaleerde problemen werden geponeerd als stellingen, die eigenlijk nadere argumentatie zouden behoeven, maar een dergelijke argumentatie zou de omvang van een essay hebben en het bestek van het betoog te buiten gaan. In het Midden Oosten zelf en in de rest van de moslim wereld negeert men overwegend de vier problemen en concentreert zich liever op een vijfde: het bestaan van de staat Israël.
  7. Het olie/royalty probleem wordt misschien wel onderkend, maar niemand is bereid of politiek in staat om af te zien van het verbruik van de olie uit het Midden Oosten. Dit heeft onder meer tot gevolg dat de ontwikkeling van alternatieve energiebronnen maar moeizaam van de grond komt, omdat investeringen daarin zo moeilijk productief kunnen worden gemaakt.
  8. Het is opmerkelijk dat bondskanselier Schröder, die bij andere onderdelen van zijn politiek zo veel krediet gekregen heeft in Nederland, geen steun en maar weinig aandacht kreeg in onze media voor zijn pogingen om de welvaartsstaat te hervormen en de economische groei in Duitsland te herstellen.
  9. De stelling dat Amerika cultureel het hart vormt van het westen zal bij veel Europeanen op emotionele weerstand stuiten. Militair en economisch superieur, dat zal iedereen wel willen toegeven, maar dat wordt verklaard door de grote omvang van het land en zijn vele natuurlijke hulpbronnen. Cultureel, vinden veel Europeanen, kan Amerika niet tippen aan Frankrijk of Italië. Ik hanteer hier een definitie van cultuur die ook gebruikt wordt in de uitdrukking ‘multiculturele samenleving’. Het is een nuttig begrip in de voortgaande discussie over de islam. Het betreft de manier van samenleven van mensen in al haar uitingen. Als ik dan na ga welke manier van leven meer school maakt in de wereld, de Amerikaanse of de Franse, dan is het antwoord evident. Maar ook in een engere definitie, waarbij men alleen ziet op de specifieke uitingen van kunst en wetenschap, kan Frankrijk niet in de schaduw staan van de VS. Het aantal literaire en wetenschappelijke publicaties, Nobelprijs winnaars, belangrijke symfonie orkesten, het aantal studenten dat klassieke talen studeert, de kwaliteit en de kwantiteit van de uitingen van beeldende kunst en architectuur, overal steekt Amerika er met kop en schouders boven uit. Het verschil met de rest is niet alleen groot, het laat zelfs geen vergelijking toe. Europa’s culturele pretenties berusten in hoofdzaak op een roemrijk verleden en als er de laatste decennia cultureel nieuws komt uit ons werelddeel, dan is dat eerder uit Spanje en de andere nieuw toegetreden leden van de EU, dan uit de zes EU oprichtingslanden, waaronder Frankrijk.

Dit essay verscheen eerder op het Blog van Toon Kasdorp

2 reacties

  1. Cool Pete schreef:

    Zeer intelligent artikel.
    Dank daarvoor.
    Met de algemene strekking, kan ik instemmen.
    Er worden zo veel standpunten in aan gesneden, dat ik niet aan een discussie begin:
    dat zou veel te breedvoerig worden.

    Zeker sinds de millennium-wisseling, leeft ‘het vrije Westen’ in een nood-situatie;
    veroorzaakt door:
    – eigen nalatigheid
    – 11-9-2001: openlijke oorlogs-verklaring door het mohammedanisme.

  2. kasdorp schreef:

    Waarom veroorzaakt een terreuraanslag een noodsituatie? Het aantal doden dat er bij valt is als regel kleiner dan het aantal verkeersdoden op dezelfde dag. . Het is een uiting van vijandschap, dat wel en een waarschuwing om de culturen waaruit de terreur voorkomt de toegang tot onze landen te ontzeggen, maar waarom een noodsituatie?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *